Drie jaar geleden, rond deze tijd, wisselde ik bewust van baan. Ik was tot die tijd zo druk geweest met werken dat ik vergat te leven. Mijn weekend stond in het teken van het voorbereiden van de nieuwe werkweek. Mijn avonden spendeerde ik ofwel in een hotel (want mijn opdrachten waren ver van huis), ofwel uitgeput op de bank. Qualitytime moest ik in mijn agenda plannen anders kwam het er niet van. Vriendschappen "onderhield" ik via mail of sms. In het echt afspreken, daar had ik geen tijd voor of daar was ik te moe voor.
Ik had het enorme geluk een baan te vinden op fietsafstand van mijn huis. Weliswaar zou ik er in salaris op achteruit gaan, maar de enorme hoeveelheid vrije tijd die ik daarvoor terug kreeg was onbetaalbaar. Ik begon mijn pad van bewuste eenvoud: creëren in plaats van consumeren. Het zelf bakken van brood, het maken van zeep, ik startte een moestuintje, ik begon mijn yoga-opleiding. Maar ook mijn werk gaf me veel voldoening en ik voelde me voor het eerst sinds jaren in balans. Door eindelijk eens van het uitzicht te genieten in plaats van alleen maar te rennen kwam ik bij mezelf.
Na twee jaar begon ik de uitdaging in mijn werk te verliezen. Ik draaide op routine en kon er niet veel meer van leren. Er deed zich een kans voor en die greep ik, na wat aarzeling, aan. Een korte tijd na de start van mijn nieuwe functie werden er bezuinigingen aangekondigd. Niet een beetje minder uitgeven zo hier en daar, maar fundamentele bezuinigingen die grote gevolgen hebben voor de doelgroep waar ik met veel inzet en geloof voor werk. Het voelt alsof ik iets moet gaan afbreken dat met veel energie, liefde en overtuiging is opgebouwd. Dat is wrang. Daarnaast begint het in de organisatie duidelijk te worden dat er veel functies gaan verdwijnen. Niet voor onze doelgroep, maar voor de "bazen". En dat leidt tot ellebogen gedrag, manipuleren en knokken voor de belangrijkste posities. Waar we ooit met zijn allen de handen aan de ploeg hadden om er iets goeds van te maken, voert nu concurrentie de boventoon. En dat vreet aan me.
Als ik analyseer waarom ik de laatste maanden zoveel minder in balans ben dan in die heerlijke wittebroodsmaanden van de bewuste eenvoud dan kom ik tot een paar conclusies.
Ik heb (of beter: ik maak) te weinig tijd om dingen te doen waar ik in geloof en waar ik energie van krijg. Mijn leven is sluipenderwijs weer complex geworden, terwijl ik proefondervindelijk heb kunnen vaststellen dat ik gedij bij simpel leven. Daarnaast ben ik in een situatie beland dat ik moet kiezen of ik mee wil knokken in een gevecht dat niet het mijne is, of dat ik me laat ondersneeuwen. Beide druisen tegen mijn gevoel in, maar knokken is voor mij de minst integere optie. Ik moet dus mijn conclusies gaan trekken.
Op dit moment is het nog niet zo ver dat ik al conclusies kan trekken. Ik wil geen overhaaste beslissingen nemen zo lang ik mijn alternatieven niet helder heb. Maar één ding is er altijd en dat is het pad van de bewuste eenvoud; een soort anker in onzekere tijden. En dat pad vind ik terug door niet achteraan in de file te staan, maar lopend naar het werk te gaan. Door zelf mijn desembrood te kneden en te bakken van een zelfgemaakte starter. Door groenten uit mijn eigen tuin te halen. Door te kijken hoe onze mini-kikkertjes genieten van een restje komkommer. Door steeds weer nieuwe dingen te leren die ik zelf kan doen en die het leven in en om mijn huis zoveel leuker en onafhankelijker maken.
Wordt ongetwijfeld vervolgd.