01 maart 2014

communiceren

Schelden doet geen pijn, riepen we vroeger weleens. Maar eigenlijk had ik toen al moeite met die uitspraak. Woorden kunnen wel degelijk pijn doen. Vaak gebeurt het niet eens bewust, maar desalniettemin kan een scherpe opmerking bijna letterlijk door de ziel snijden en geneest een schram of blauwe plek sneller dan de schade van woorden. Die voel je soms jaren later nog.

De andere kant van die medaille is dat compassionele woorden magisch kunnen werken in moeilijke situaties. Het geheim zit hem niet alleen in de zorgvuldigheid waarmee de woorden worden gekozen, maar vooral ook in de intentie waarmee het wordt uitgesproken. Iconen als Mahatma Gandhi, Martin Luther King en Nelson Mandela waren meesters in deze manier van communiceren. Het was voor hen geen handig communicatie trucje; hun manier van spreken was een reflectie van hun diepste overtuigingen, van hun persoonlijkheid. Die echtheid heeft de wereld veranderd. Niet zonder slag of stoot, maar alle drie hebben ze de wereld een beter achter gelaten dan dat ze hem aantroffen.

De afgelopen tijd kwam ik opeens regelmatig uitgeput en 'leeg' thuis van mijn werk, ongeacht of ik het druk had gehad of niet. En dat terwijl ik normaal juist veel energie en inspiratie uit mijn werk haal. Een vergelijkbaar leeg gevoel heb ik ook weleens buiten de context van werk, maar ik had er eigenlijk nog nooit bij stilgestaan waar de oorzaak zou kunnen liggen. Nu er zo duidelijk sprake was van een trendbreuk vond ik het de moeite waard om eens te onderzoeken waar dat gevoel vandaan zou kunnen komen. Ik probeer nog steeds dagelijks te mediteren en dat is een prima moment om eens in te zoomen. Wat is het precies? Waar voel ik het in mijn lijf? Welke vorm heeft het? Waar zit de oorsprong van die leegte?

Al reflecterend begon zich een steeds helderder beeld af te tekenen: het project waar ik mee bezig ben zit in een fase waarin ik steeds op mijn hoede moet zijn en 'strategisch' moet handelen. Dat betekent in de praktijk dat ik - bewust of onbewust - rekening houd met hoe mijn woorden kunnen worden uitgelegd en dat ik bij alles wat gezegd wordt moet zoeken naar de lading die er achter zit. Ik snap dat spel en speel het mee, maar dat wil nog niet zeggen dat het me goed ligt. Het is alsof ik me een onnatuurlijke rol aan moet meten in een toneelstuk dat me niet echt aanspreekt. Dat betekent niet dat ik mijn handdoek in de ring gooi. Er tussenuit stappen is de gemakkelijkste oplossing maar daar is het proces niet bij gebaat en daar leer ik zelf ook niks van.

Ik begon te lezen over geweldloze communicatie. Ik had een boek over dat onderwerp al een paar jaar geleden een keer op de kop getikt, maar had nog niet een directe aanleiding om het te lezen. Maar nu, tijdens mijn onderzoek naar hoe ik deze situatie kan keren, valt de inhoud in vruchtbare aarde. Het model van geweldloze communicatie is niet in een paar pennenstreken uit te leggen, maar het is een heel krachtige manier van je op een verbindende, empathische manier met anderen verhouden, hetzij thuis, hetzij op je werk. En het mooiste is: je hoeft er niks nieuws voor te leren; het is vooral een kwestie van bewustwording.

De taal die wij gebruiken binnen relaties en op het werk is vaak geënt op ideeën over goed of kwaad, wie heeft er gelijk en wie heeft er ongelijk? Het bevat oordelen, geboden of verboden, morele opvattingen of ideeën over wat jou door anderen is aangedaan. Wat alle mensen gemeenschappelijk hebben is een aantal basisbehoeften die bijvoorbeeld gaan over veiligheid en geborgenheid, autonomie, begrip, affectie en rust. Als die behoeften niet vervuld worden kan zich een scala aan gevoelens voordoen, zoals boosheid, verdriet, verwarring, schaamte of teleurstelling. De kern van geweldloze communicatie zit voor mij in het gegeven dat opmerkingen, beschuldigingen of opvattingen iets weggeven over een behoefte. Een opmerking als: "Je komt ook altijd te laat voor het eten" is een uiting van een onvervulde behoefte aan respect of verbinding. Alleen veroorzaakt de manier waarop dit geuit wordt bij de ontvanger waarschijnlijk geen empathische reactie, maar eerder iets als: "Maar jij maakt ook altijd zulke onhandige afspraken" of "Ben je soms vergeten hoe vaak je mij hebt laten zitten?".

Vanuit het model van geweldloze communicatie schets je eerst je ongenoegen in neutrale woorden: "Wij hadden om zes uur afgesproken en je bent er niet." Vervolgens benoem je je gevoelens: "Ik heb mijn best gedaan om lekker voor je te koken zodat we met zijn tweetjes een gezellige avond konden hebben en nu voel ik me niet serieus genomen en teleurgesteld." Daarna uit je de behoefte die daar achter ligt: "Ik heb behoefte aan respect voor de afspraken die we met elkaar maken en aan verbinding in de vorm van een gezellige avond met jou samen." Tenslotte doe je een voorstel voor een manier waarop deze behoeftes alsnog kunnen worden vervuld. "Kun je me de volgende keer ruim van tevoren bellen als het je niet lukt op tijd te komen en zullen we dan nu het eten opwarmen en samen een film gaan kijken?". Enfin, dit zijn misschien een beetje kinderachtige en gezochte voorbeelden, maar het gaat om de stappen in de communicatie.

Ik heb deze methodiek nu een paar keer losgelaten op mijn puberzoon en na zijn aanvankelijke verwarring (ik: "Je bedoelt dat je je gefrustreerd voelt omdat je om tien uur thuis moet zijn, terwijl je eigenlijk behoefte hebt aan respect voor het feit dat je al dertien bent?") merk ik dat hij zich wel wat meer begrepen voelt. Ook al is de uitkomst vaak nog hetzelfde. Sinds afgelopen week probeer ik dit ook in mijn werksetting toe te passen en de oprechte behoefte achter boodschappen te zoeken. Dat is een stuk taaier dan de dialoog met een dertienjarige, maar ook hier lijkt het vruchten af te werpen. Niet dat alles nu opeens als een zonnetje loopt maar vooral omdat ik als ontvanger meer begrip krijg voor de behoefte achter de boodschap van de zender. En omdat ik zelf bewuster mijn gevoelens en behoeftes communiceer, waardoor meer een echt contact ontstaat in plaats van een rollenspel waarin je steeds voor rugdekking moet zorgen. De grootste eyeopener is dat ik tot mijn eigen verbazing toch een stuk 'gewelddadiger' blijk te communiceren dan ik altijd gedacht had. Het is nog te vroeg om te kunnen zeggen of mijn batterij nu ook iets minder snel leegloopt, maar het ziet er veelbelovend uit.

Als je meer wilt weten over geweldloze communicatie, kijk dan eens naar dit filmpje van een gesprek met de grondlegger ervan.

uitzicht vanaf mijn werkplek; niet verkeerd toch?

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen